Posts tonen met het label Schuldenbewind. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Schuldenbewind. Alle posts tonen

zaterdag 19 mei 2018

P.S.

“Het ministerie van Volksgezondheid ontdekte dat achttienduizend mensen onder bewind een hogere zorgpremie betalen dan nodig, omdat hun bewindvoerder geen betalingsregeling treft met de zorgverzekeraar. Deze mensen zijn maandelijks 27 euro te veel kwijt. ‘Het lijkt onbegrijpelijk dat bewindvoerders geen betalingsregeling treffen’, zegt een woordvoerder van het ministerie”. Citaat uit De Groene Amsterdammer van 2 mei 2018, nr. 18.

Laten we eens kijken hoe dat zit. Als voorbeeld nemen we de situatie van Piet Schuldenaar. Zijn goederen staan sinds vier maanden onder bewind. Zijn bewindvoerder heeft deze maanden nodig gehad om zijn situatie in kaart te brengen. Hoe ziet zijn situatie eruit? We kijken naar zijn huishoudbudget en zijn schuldensituatie.

Huishoudbudget: Piet heeft geen werk. Hij solliciteert zich het ‘leplazarus’, maar werk is er geen voor hem. Niet-geschoolde arbeid is er niet meer; met alleen LOM-school kun je nergens terecht. Hij heeft dus een bijstandsuitkering van de gemeente. Netto € 948 per maand. Maar daar wordt op ingehouden voor de belastingdienst: beslaglegging van € 97 per maand. Hij krijgt huurtoeslag. De zorgtoeslag: daar is beslag op gelegd. De bewindvoerder heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor de kosten van het bewind. De bewindvoerder betaalt de huur en andere vaste lasten. En Piet? Piet krijgt iedere week € 40 leefgeld. Hij hoeft niet van honger om te komen. Kleren koopt hij in de kringloopwinkel. En de bewindvoerder heeft hem aangemeld bij de voedselbank.

Schulden: Piet heeft veel schulden. Hij dacht dat het iets van rond de € 15.000 was. Maar de bewindvoerder heeft een lijst gemaakt en die komt uit op bijna € 32.000. Verschillende aanslagen van de belastingdienst uit de tijd dat hij geprobeerd heeft zijn geld te verdienen als zzp-er schoonmaker. Is niks geworden met al die belastingbrieven. Hij kwam gewoon geld te kort om van te leven. Daardoor is hij in de schulden geraakt. Ruim € 9.000 bij de belastingdienst, waarvan de helft bestaat uit boetes. Zijn zorgpremie heeft hij nooit betaald. Bij het CAK staat € 2.500; bij de zorgverzekeraar € 5.300; bij de deurwaarder vijf vorderingen, samen € 1700; bij het CJIB ook nog eens € 1.300. Totaal dus ruim € 10.800. Dan heeft hij nog een huurschuld van zijn vorige woningstichting bij de deurwaarder; ook bij de deurwaarder van Greenchoice; het waterschap heeft hij ook niet kunnen betalen. Ook een verkeersboete bij het CJIB, die al meer dan verdubbeld is, omdat hij gewoonweg niet kon betalen. Bij een schuldopkoper (Lindorff Incasso) nog een heel oude schuld bij de KPN, waarvan Piet dacht dat die allang was afgeschreven. Een onbetaalde tandartsrekening die bij het incassobureau ligt. Aanslagen van de gemeente voor heffingen, die niet betaald zijn (van een aanvraag kwijtschelding had Piet nog nooit gehoord). Bij de woningstichting heeft hij een achterstand van twee maanden; bij de energieleverancier is drie maanden achterstand. Zijn telefoon is afgesloten: die schuld is gigantisch opgelopen. De telefoon heeft hij gehouden, en hij heeft een prepay-kaartje gekocht met een ander telefoonnummer.

Piet is al eens naar de gemeente geweest voor hulp. Maar daar konden ze hem niet helpen. Hij moest allerlei formulieren invullen, waar hij niets van snapte. En hij moest deel gaan nemen aan een ‘budgetcursus’ in een groep. Dat kan Piet helemaal niet, dat past niet bij hem. Daarom is hij er niet naartoe gegaan. Toen heeft de gemeente de hulp beëindigd. Piet zag het allemaal niet meer zitten, en toen heeft een maatschappelijk werker van het buurthuis hem naar een bewindvoerder verwezen.

Terug naar de beginvraag: waarom treft de bewindvoerder geen betalingsregeling met de zorgverzekeraar. Het antwoord is gegeven: in de schuldenlijst staan z.g. bedreigende schulden (huurachterstand en achterstand bij energieleverancier). Dat heeft prioriteit. Maar bovendien: Piet heeft geen aflossingscapaciteit meer. De belastingdienst heeft de beslagvrije voet te laag vastgesteld: daar moet de bewindvoerder wat aan doen. Daar gaan enkele maanden overheen. En intussen krijgt Piet dus gewoon te weinig om van te leven. Om de verhuurder en de energie aan het lijntje te houden, zodat Piet kan blijven wonen, moet de bewindvoerder toch iets af gaan lossen. Voorbeeld: huur 2 maanden = € 1.000. Aflossing € 20 per maand geeft 50 maanden aflossing. Hij heeft een minimumuitkering. Het uiterste minimum is de beslagvrije voet (90% bijstandsnorm met enige correcties i.v.m. zorgpremie/ zorgtoeslag en huur/ huurtoeslag). Piet zit daar noodgedwongen onder, vanwege huurachterstand en achterstand bij energie.

Inderdaad Piet is iedere maand ‘27 euro te veel kwijt’. Dat Piet 27 euro in de maand te veel kwijt is, ligt niet aan Piet, ook niet aan zijn bewindvoerder, maar aan de onzalige boeteregeling die door ‘Den Haag’ is uitgevonden. “Laten we personen die hun zorgpremie niet kunnen betalen lekker een boete opleggen” en vervolgens met een beschuldigende vinger wijzen naar de schuldenaar en zijn bewindvoerder. Dat is wat voor Piet onbegrijpelijk is. Maar ook voor zijn bewindvoerder. In de tijd van het ziekenfonds was het voor Piet allemaal wat eenvoudiger. De ziekenfondspremie werd op zijn loon of uitkering ingehouden. Daar had Piet dus geen omkijken naar.

In de huidige wet- en regelgeving is er voor veel personen zoals Piet geen mogelijkheid om een betalingsregeling te treffen. En er zijn heel veel ‘Pieten’, die niet geholpen kunnen worden door de schuldhulpverlening. ‘Pieten’ die de ingewikkelde formulieren niet begrijpen. ‘Pieten’ die niet meer dan LOM-school hebben gehad. ‘Pieten’ die zwakbegaafd zijn. ‘Pieten’ die laaggeletterd zijn. ‘Pieten’ die financieel niet zelfredzaam zijn. Deze ‘Pieten’ worden het beschermingsbewind ingeduwd. Zij begrijpen de wetten en regels niet; het overkomt hen allemaal: de enorm hoge kosten en boetes die worden opgelegd. Zij kunnen niet meedoen, zij mogen niet meedoen. Het wordt de ‘Pieten’ onmogelijk gemaakt om mee te doen. ‘Participeren’ noemen ze dat in ‘Den Haag’.

Misschien dat die woordvoerder uit Den Haag van dat deftige ministerie zich eens wil verdiepen in de problematiek van de vele ‘Pieten’ in ons land. Misschien dat hij dan wel een beetje gaat begrijpen waarom zijn bewindvoerder geen betalingsregeling treft. Misschien dat dan zijn beperkte en kortzichtige blik iets verder gaat dan de cijfers van zijn ministerie.

Misschien dat dan De Groene Amsterdammer tot het inzicht komt dat de bewindvoerders er niet ‘met de pet naar gooien’, zoals ze in hun commerciële krantje schrijven.

© André Leijssen, 19 mei 2018.



Literatuur:

-          Jungmann, N. e.a. (2014): Onoplosbare schuldsituaties. Hogeschool Utrecht / NVVK, 2014.

zaterdag 23 april 2016

De lege gereedschapskist van Taco

Op diverse plaatsen heeft collega Taco Schaafsma zijn opvatting verkondigd dat de beschermingsbewindvoerder een ‘lege gereedschapskist’ heeft, indien hij de taak krijgt toebedeeld om schulden van rechthebbenden te regelen of aan schuldbemiddeling te doen. De vraag is of die beeldspraak, sinds de invoering van de wetswijzigingen in 2014, nog wel passend is. Is de gereedschapskist van de beschermingsbewindvoerder wel leeg?
            In zijn artikel geeft Taco zelf het antwoord[1]: artikel 48 van de ‘Wet op het consumentenkrediet’ (Wck) is aangepast. In lid 1 van dat artikel is de beschermingsbewindvoerder toegevoegd onder de personen die zijn uitgezonderd van de bepaling in artikel 47 lid 1 Wck: “Schuldbemiddeling is verboden”. Sinds deze aanpassing is de beschermingsbewindvoerder dus bevoegd aan schuldbemiddeling te doen. Dat wil zeggen dat in de gereedschapskist dezelfde gereedschappen zitten, welke de gemeente c.q. schuldhulpverlening ook heeft. Dat wat gedaan kan worden in het zg. ‘minnelijk traject’. Globaal zijn de middelen (lees: gereedschappen) in het minnelijk traject: betalingsvoorstellen met finale kwijting, saneringskrediet, herfinanciering, budgetcursus, budgetbeheer, budgetcoaching. Maar er zijn ook wettelijke middelen: dwangakkoord, moratorium, voorlopige voorziening, aanvraag wettelijke schuldsanering. Al deze middelen kunnen nu door de beschermingsbewindvoerder zelf worden ingezet of worden aangevraagd.
            In mijn artikel over ‘Beschermingsbewind en schuldproblematiek’[2] bespreek ik de strategieën van schuldoplossing, welke door de beschermingsbewindvoerder kunnen worden gevolgd. Dit zijn: aflossingsregelingen; afkoopregelingen tegen finale kwijting; schuldsaneringskrediet; wettelijke schuldsanering (Wsnp); en beslaglegging. In 2012 is de Wet Gemeentelijke Schuldhulpverlening (Wgs) van kracht geworden. Hiermee was het zg. ‘minnelijke traject’ geregeld. Dit middel is toegevoegd aan onze gereedschapskist.
            Conclusie: door de wetswijziging van artikel 48 Wck is de gereedschapskist van de beschermingsbewindvoerder overvol geraakt. En terecht stelt Taco de vraag: moet de beschermingsbewindvoerder al deze middelen wel in willen zetten en zelf uitvoeren. Op 5 april 2016 vond in Amsterdam een bijeenkomst plaats van de Stichting “Eropaf!” over ‘Beschermingsbewind Anders!’. Eén van de sprekers was Gerd-Jan Mulder[3]. Hij pleitte voor een actieve rol van de beschermingsbewindvoerder in schuldenbewinden: een actieve aanpak van schulden. En alle beschikbare middelen staan hem daarbij ter beschikking. Een gereedschapskist vol. Maar waarom een actieve rol? Omdat de schuldhulpverlening tekort schiet: afwijzingen om diverse redenen, onoplosbare schulden. In het onderzoek van Jungmann e.a.[4] is dat bevestigd. Veel personen met onoplosbare schulden worden niet geholpen en blijven in de kou staan. Een deel daarvan vindt onderdak bij het beschermingsbewind. Stabilisatie en bescherming tegen ongeremde incassopraktijken van deurwaarders en overheden is dan het hoogst haalbare.
            Taco pleit voor nog meer gereedschap: “Graag zou ik verder zien dat partijen zich zouden inspannen om goed gereedschap te regelen voor de beschermingsbewindvoerder. Zoals bijvoorbeeld en breed moratorium bij het instellen van beschermingsbewind”[5]. Dat zou een slechte zaak zijn. Een breed moratorium zit er aan te komen voor de schuldhulpverlening (Wgs artikel 5) in 2016. Als dat (ook) zou worden ingesteld bij het instellen van beschermingbewind dan zal de toeloop naar beschermingsbewind nog groter worden. Een moratorium hoort thuis bij de schuldhulpverlening. En daar kunnen beschermingsbewindvoerders voor hun cliënten ook gebruik van maken: enkel in die gevallen waar het nodig en nuttig is.
            Er is inderdaad iets vreemds gaande met betrekking tot het beschermingsbewind. Een beschermingsmaatregel uit het familierecht, oorspronkelijk bedoeld ter bescherming van personen met lichamelijke of geestelijke beperking, wordt ingezet als een middel voor schuldoplossing. Dat hoort eigenlijk thuis in het insolventierecht. Dat wringt en schuurt. Dat is de reden waarom Taco tegenstrijdigheden ervaart en in verwarring raakt, zoals hij in zijn artikel schrijft.
           
© André Leijssen, april 2016.
  
Literatuur
-    Jungmann, Nadja, e.a. (2014): Onoplosbare schuldsituaties. Utrecht: Hogeschool Utrecht | NVVK, 2014.
-     Leijssen, André (2007): Beschermingsbewind en schuldproblematiek. In: SchuldSanering. Nummer: 2007/6, p. 14-17.
-     Mulder, Gert-Jan (2016): In het land der blinden….Feiten en fabels over beschermingsbewind. Amsterdam: Presentatie op de bijeenkomst ‘Beschermingsbewind Anders!’, april 2016.
-     Schaafsma, Taco (2015): Schuldbemiddeling door beschermingsbewindvoerders. In: Tijdschrift voor Schuldsanering, nummer 03, 2015.
-     Schaafsma, Taco: Beschermingsbewind is geen schuldhulpverlening. Te vinden op: www.beschermingsbewind.info. Ongedateerd.
-     Staatssecretaris SZW (2014): Kamerbrief toezeggingen armoede- en schuldenbeleid. Den Haag: 25 april 2014



[1] Schaafsma (2015), p. 8.
[2] Leijssen (2007), p. 14.
[3] Mulder (2016).
[4] Jungmann (2014).
[5] Schaafsma (2015), p. 10.

zondag 20 maart 2016

Schuldenbewind: aansprakelijkheid bewindvoerder

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden: "Uit de stukken en het verhandelde ter zitting is naar het oordeel van het hof genoegzaam gebleken dat de voormalige bewindvoerder op 31 oktober 2012 per e-mail contact heeft gehad met [D] en op 29 juli 2013 telefonisch contact heeft gehad met GGN Gerechtsdeurwaarders over de vordering van [D] . Naar het oordeel van het hof staat hiermee vast dat de voormalige bewindvoerder op de hoogte was van deze vordering. Het had derhalve op zijn weg gelegen om zicht te krijgen op de status en de hoogte van deze vordering. In eerste aanleg heeft de voormalige bewindvoerder gesteld dat [verzoekster] hem niet voorzag van afdoende informatie maar nu hij op de hoogte was van het bestaan van deze schuld had het op zijn weg gelegen om zelf bij [D] te informeren naar de hoogte van de schuld. Hij heeft echter nagelaten om in een tijdig stadium, teneinde incassokosten te voorkomen, in overleg te treden met [D] en/of de deurwaarder om tot een (afbetalings)regeling te komen en/of om betalingen te verrichten op de schuld van [verzoekster] . Dit terwijl hij wel extra bedragen aan [verzoekster] heeft uitgekeerd en er derhalve financiële middelen beschikbaar waren om op deze schuld af te lossen. Het hof is van oordeel dat de voormalige bewindvoerder met betrekking tot de vordering van [D] toerekenbaar is tekortgeschoten in de financiële zorg die in een dergelijk geval van een bewindvoerder mag worden verwacht. Het hof zal het verzoek van [verzoekster] derhalve toewijzen voor zover dit ziet op de schade van [verzoekster] voortkomend uit de vordering van [D]".

In geval van schulden is het de taak van de bewindvoerder de schuldeiser aan te schrijven en, indien mogelijk, een betalingsregeling te treffen. Het treffen van een betalingsregeling gaat voor op het verstrekken van extra bedragen aan rechthebbende.

Wat onduidelijk blijft in deze uitspraak is of er in deze casus sprake was van een problematische schuldensituatie. Het heeft er alle schijn van dat er slechts sprake is van één schuld en één schuldeiser. Bij problematische schulden ligt het immers voor de hand dat een schuldregeling wordt aangevraagd bij de gemeentelijke schuldhulpverlening. En eventueel daaropvolgend een beroep doen op de wsnp. Bij een 'onoplosbare schuldensituatie' (=geen toegang tot schuldhulpverlening en wsnp) zijn toenemende incassokosten niet of nauwelijks te voorkomen. Ook dan bestaat er een inspanningsverplichting van de beschermingsbewindvoerder. Belangrijk is dan dat in het budgetplan aantoonbaar gereserveerd wordt voor schuldaflossing of aantoonbaar aan schulden wordt afgelost. De bewaking van de beslagvrije voet is dan de taak van de bewindvoerder. En, zo mogelijk, het voorkomen van nieuwe schulden.

http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2016:2128

zaterdag 13 februari 2016

Beschermingsbewind: opheffing

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden: Kantonrechter heeft het verzoek van rechthebbende om het bewind op te heffen afgewezen. Het hof oordeelt anders: beschermingsbewind wordt opgeheven.


Het hof overweegt als volgt. De rechthebbende stelt primair dat de noodzaak tot bewind niet langer bestaat en subsidiair dat voortzetting van het bewind niet zinvol is gebleken.
Het hof is van oordeel dat de rechthebbende voldoende duidelijk heeft gemaakt dat hij thans in staat moet worden geacht zijn eigen belangen weer waar te nemen. De rechthebbende heeft onvoldoende weersproken gesteld dat van de drugs- en drankverslaving waarvan sprake was kort voordat de WSNP op de rechthebbende van toepassing was verklaard, thans geen sprake meer is en dat voor de destijds aanwezige schulden een schone lei is verleend. De proefperiode die de bewindvoerder aan de rechthebbende heeft gegeven om te bezien of de rechthebbende daartoe in staat zou zijn, is - kennelijk als gevolg van miscommunicatie tussen de rechthebbende en de bewindvoerder - niet succesvol geëindigd. De rechthebbende moet evenwel voldoende in staat worden geacht, met ondersteuning van door hemzelf in te schakelen hulpverlening, zijn financiën op orde te houden. Het hof gaat daarbij ervan uit dat de rechthebbende zich, zoals hij ter mondelinge behandeling uitdrukkelijk heeft toegezegd, tot hulpverlening zal wenden, zodra problemen op het financiële vlak dit wenselijk maken.

Beschermingsbewind: noodzaak aanwezig

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden: Evenals de kantonrechter oordeelt het hof dat het beschermingsbewind moet worden gehandhaafd. 
"Op grond van de aan het hof overgelegde stukken en het verhandelde ter zitting is het hof voldoende gebleken dat de gronden voor de onderbewindstelling nog immer aanwezig zijn. [verzoeker] heeft al jaren forse problematische schulden en daarbij ligt er al langdurig beslag op zijn inkomen. Het hof is voorts van oordeel dat [verzoeker] onvoldoende heeft onderbouwd dat voortzetting van het bewind niet langer zinvol is. [verzoeker] heeft geen concrete oplossing voor zijn schulden aangedragen dan wel een goed uitgewerkt plan gepresenteerd om zijn schulden te verminderen. Hij heeft enkel gesteld dat hij graag budgetbeheer wil en ondersteuning krijgt van het dorpenteam. Gelet op de omvang van de schuldenlast, het inkomen van [verzoeker] en het feit dat hij thans niet in aanmerking komt voor toelating tot de wettelijke schuldsanering ziet het hof niet in dat er zonder het bestaan van het bewind een oplossing voor zijn schulden komt. Daarbij is het het hof onduidelijk wie de beslagvrije voet zal bewaken op het moment dat het bewind wegvalt. Alles in aanmerking nemend heeft [verzoeker] onvoldoende onderbouwd dat de noodzaak van bescherming van zijn vermogensrechtelijke belangen niet meer bestaat, zodat de goederen die hem (zullen) toebehoren onder bewind dienen te blijven. Dit betekent dat het hof zich verenigt met het oordeel van de kantonrechter dat het bewind moet worden gehandhaafd."

http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2016:1036

zaterdag 19 december 2015

Beschermingsbewind en vergoeding voor 'schuldenbewind'

Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden: Bewindvoering. Verzoek toekenning hogere beloning voor problematische schulden toegewezen.

http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2015:9454

zaterdag 4 oktober 2014

Zorgplicht bewindvoerder beschermingsbewind

Kantonrechter Rechtbank Limburg wijst schadevergoeding toe wegens tekortschieten in de zorg van een goed bewindvoerder. Het betreft in deze zaak de behandeling van schulden, in casu de achterstand in de betalingen van aflossing en rente hypotheek. Uit het vonnis blijkt ook een tekortschieten in communicatie met rechthebbenden.

http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RBLIM:2014:2071